vrijdag 18 november 2011

Ardense Voskoppen begrazen spaarbekken



Geschreven door Freddy Kempeneer

LENNIK – Binnenkort grazen er Ardense Voskoppen op het natuurgebied naast de sporthal Jo Baetens, waar enkele jaren geleden een spaarbekken is aangelegd. Het is een project van de gemeente Lennik in samenwerking met Natuurpunt MOLennik en is het gevolg van een advies van de milieuraad.
Gemeentearbeiders leggen de laatste hand aan de afsluiting van het terrein dat anderhalf hectare groot is. Er komen ook aangepaste poortjes. Langs het terrein loopt ook het molenpad dat deel uit maakt van het wandelwegenetwerk.
De schapen worden geleverd door Danny Luyckx uit Bunsbeek. Hij brengt binnenkort een vijftal Ardense Voskoppen naar Lennik. De herder kwam vandaag met zijn herdershonden, een kijkje nemen op het terrein. Daar maakte hij de laatste afspraken met schepen van leefmilieu Geert De Cuyper, Leo Tielemans van Natuurpunt-MO-Lenniken de gemeentelijk technische dienst.
Begrazingsproject
Er komen infoborden die de wandelaars meer informatie geven over het begrazingsproject
Dit perceel ligt in VEN-gebied en is als Natuurgebied ingekleurd op het gewestplan. Daardoor moet de natuur hier absolute prioriteit krijgen. Aan de vergunning voor de aanleg van het waterspaarbekken werden zeer strenge voorwaarden gekoppeld inzake bescherming en verbetering van de natuur. Het is de bedoeling om het gebied in de eerste plaats interessant te maken voor onze koestersoort het bruin blauwtje maar meteen wordt het ook geschikt voor tal van andere vlinders en insecten. De insecten trekken dan insectenetende vogels aan. Wilde plantenzaden trekken zaadeters aan. Stukjes ruigte bieden schuilgelegenheid voor diverse diersoorten enz. Kortom, meteen krijg je een biotoop met een enorme biodiversiteit.
Om dit te bereiken moet het gebied “open” blijven. Opslag van struiken en bomen moet worden tegengegaan maar tegelijk moeten vele wilde, liefst bloemrijke, planten alle kansen krijgen. Dit zou kunnen door deskundig maaien met afvoer van het maaisel maar dit is zeer arbeidintensief en duur. Schapen doen het werk gratis al verloopt het proces dan iets trager. Ras en aantal zijn zeer belangrijk.
Ardense Voskop
De geschiedenis van de Ardense voskop gaat terug tot de tijd van de Romeinen. Mogelijk leverden zij de wol voor de tunieken van de troepen die gelegerd waren aan de noordelijke grens van het Romeinse Rijk. Hoewel de wol van deze schapen een belangrijke bron van inkomsten was voor de lokale boeren, werd het Ardense schaap vanaf het einde van de 18de eeuw vooral geroemd om zijn vlees van uitstekende kwaliteit. Het zou een schaap geweest zijn dat aangepast was aan de Ardense omstandigheden: robuust, sober en sterk.
De Ardense Voskop van vandaag stamt af van Ardense schapen die vroeger door kooplui werden meegebracht om op de betere Vlaamse weiden te worden vetgemest. Lammeren van 30 kg werden op enkele maanden vetgemest voor de slacht.
Lokale herders uit de streek rond Bornem hebben dit Ardense schaap aangehouden voor het fokken van Paaslammeren. Uit deze restpopulaties werd de Ardense voskop teruggefokt en uitgeselecteerd. Het is een schaap dat zich thuis voelt in ruige omstandigheden. Ze kunnen zowel tegen droogte als tegen nattigheid en koude en kunnen perfect buiten overwinteren onder de beschutting van bomen of struiken. Een volwassen ram weegt 70 tot 80 kg en een ooi tussen de 55 en 70 kg.

dinsdag 15 november 2011

Voorlichtingsavond schapenhouderij

Ter  herinnering
Va ndaag  vindt  de  voorlichtingsavond  plaats   in  Oost-Vlaanderen.
De  andere  data  zijn  consulteerbaar  via  de  agenda.
Voorlichtingsavond  schapenhouderij 

Organisatie
Praktijkcentrum Kleine Herkauwers, Departement Landbouw en Visserij - afdeling Duurzame Landbouwontwikkeling
Brakelsesteenweg 304
9406 Ninove
Programma
Van 19u30 tot 22u30
  • Inleiding
  • Zwoegerziektebestrijding; waar staan we anno 2011  
  • Twee jaar abortusonderzoek bij schapen en geiten, wat leren we eruit?
  • Coccidiose bij schapen en geiten; hebben we het onder controle?
    (Guido Bertels – DGZ Dierengezondheidszorg Vlaanderen) 
  • Aflammeren: enkele aandachtspunten
  • Wormen en ontwormen van schapen in de praktijk
    (Bert Driessen – KHKempen)
  • Vraagstelling
Meer informatie
Achiel Tylleman (050  20 76 91)
Jan Eskens (011  74 26 97)
Norbert Vettenburg (0473  83 70 61)
Wegbeschrijving:
De Vos’ is gelegen langs de N8 (Ninove-Brakel).

woensdag 9 november 2011

Sanitair fonds


Zoals de meeste hobbyfokkers heb ik de jaarlijkse faktuur ontvangen van het FOD volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu.
Het betreft de jaarlijkse bijdrage voor het sanitair fonds.

Hieronder de specifieke informatie voor schapen.
Wat opvalt, is de drempel van 5 (vijf !) schapen.

Bijdragen Sector « Schapen – Geiten - Hertachtigen »


BIJDRAGEN 2011

Praktische informatie

De verantwoordelijken van beslagen met schapen, geiten en/of hertachtigen met meer dan vijf vrouwelijke dieren moeten een forfaitair bedrag van 15 EUR per beslag betalen, en 0,30 EUR per vrouwelijk dier ouder dan 6 maanden.
De berekening van de bijdrage is gebaseerd op de samenstelling van het beslag zoals die werd aangegeven in de inventaris van 15 december van het voorgaande jaar.
De verantwoordelijke beschikt over een termijn van 30 dagen om dit bedrag te storten op de rekening van het Sanitair Fonds. Deze bepalingen zijn voorzien in het koninklijk besluit van 26 april 2007 (in het Belgisch Staatsblad verschenen op 20 juni 2007) betreffende de verplichte bijdragen aan het Begrotingsfonds voor de gezondheid en de kwaliteit van de dieren en de dierlijke producten, vastgesteld volgens de sanitaire risico’s verbonden aan bedrijven waar schapen, geiten of hertachtigen gehouden worden.

Bijzondere gevallen

Na kennisneming van uw factuur zou u kunnen vaststellen dat u zich in een van de volgende situaties bevindt: 
  • Vrouwelijke dieren die uit derde landen zijn ingevoerd :
     
In dit besluit is voorzien dat er geen rekening wordt gehouden met vrouwelijke dieren die sinds minder dan 6 maanden ingevoerd zijn uit landen die niet tot de Europese Gemeenschap behoren. In dit geval zal de verantwoordelijke verzocht worden het bezwaarschriftformulier terug te sturen onder toevoeging van de kopie van het bedrijfsregister en de kopieën van de invoercertificaten van de betrokken dieren, om te bekomen dat zijn factuur wordt aangepast.
Hoe dit bezwaar moet worden ingediend wordt hierna en ook in de FAQ uiteengezet. 
  • Eén beslag en meerdere verantwoordelijken :
     
De betaling van een bijdrage is voorzien per beslag met een of meerdere soorten kleine herkauwers en niet per verantwoordelijke.
Wanneer er voor een en hetzelfde beslag per soort een verschillende verantwoordelijke is, dient dus diegene die de factuur ontvangen heeft, het bedrag van de totale bijdrage voor dit beslag te storten. De factuur werd echter bijgewerkt zodat de bijdrage wordt uitgesplitst volgens de verschillende soorten; het is dan aan de medeverantwoordelijken om die bijdrage onderling te verdelen.

Indienen van een bezwaarschrift

Het formulier voor het indienen van een bezwaarschrift kan u per telefoon aanvragen op nr. 02 211 92 56.
Dit bezwaarformulier kunt u ook hier downloaden : Bezwaarschrift
Het formulier moet naar behoren ingevuld, gedateerd en ondertekend worden en alle bijlagen bevatten die nodig zijn voor de behandeling van het verzoek, waaronder een kopie van het aanslagbiljet.
Deze documenten moeten binnen de 30 dagen na ontvangst van de betwiste factuur per aangetekend schrijven verstuurd worden naar het volgende adres :

Begrotingsfonds voor de gezondheid en de kwaliteit
van de dieren en de dierlijke producten
        Eurostation – Blok II
        Victor Hortaplein, 40   Bus 10
        1060 Brussel
         
! HET INDIENEN VAN EEN BEZWAARSCHRIFT BETEKENT NIET
DAT HET BETWISTE BEDRAG
 NIET MOET WORDEN BETAALD
 De volledige bijdrage of het gedeelte van de bijdrage dat ten onrechte zou zijn geïnd, zal worden teruggestort na onderzoek van het bezwaarschrift dat volgens de hierboven vermelde modaliteiten is ingediend.

Bijkomende inlichtingen

Nadere informatie in verband met de inning van de bijdragen,
vindt u in de antwoorden op de vaak gestelde vragen :
FAQ SCHAPEN-GEITEN-HERTACHTIGEN (.HTML)


Ons call center staat te uwer beschikking
van 7 tot 10 en van 16 tot 18 november 2011
tussen 8u en 16u.

 02 524 73 46

Federale overheidsdienst (FOD) Volksgezondheid,
Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu
Eurostation II
Victor Hortaplein, 40 bus 10
1060 Brussel

Contact center : +32 (0)2 524.97.97
Webformulier

vrijdag 4 november 2011

Offerfeest 2011


Het offerfeest valt dit jaar op zondag 6 november.

10 Dzoe al-hiddja. Het Offerfeest, of feest van Ibrahiem of Schapenfeest, is het belangrijkste feest van de islam. Het duurt drie dagen en wordt gevierd vanaf de 10e dag van de 12e maand van de islamitische kalender.

Het is het feest van het offer van Abraham. Iedere moslim die er geld voor heeft slacht op de eerste dag van het Offerfeest een schaap en dat is niet goedkoop (ca. € 300,00).

Tevens het einde van de bedevaart naar Mekka.

In het Arabisch heet het Offerfeest Id al-Adha en ook Aid al Kabir, en in het Turks heet het Kurban Bayrami.

Met het vieren van dit feest herinnert men zich dat Ibrahiem (Abraham) gevraagd werd om zijn zoon Ismaël te offeren aan Allah. In de Koran staat het verhaal dat Allah vroeg aan Ibrahiem (Abraham) om zijn zoon Ismaël te offeren om te laten zien dat hij trouw en gelovig was. Toen Ibrahiem zijn zoon met een mes wilde doodsteken, kwam er een engel die zei dat een schaap de plaats van Ismaël mocht innemen.

Dus op de eerste dag van het Offerfeest slacht iedere moslim die er geld voor heeft een schaap, of geit, koe, os, buffel of kameel. Dit gebeurt meestal in het dorp waar de man geboren is. Het vlees wordt in drie stukken verdeeld. Een deel is voor de familie, een deel is voor de buren of vrienden en een deel is voor de armen.

Naast het delen, wat een belangrijk gebruik is in de islam, is het zich overgeven aan Allah en het willen zijn als Ibrahiem heel belangrijk bij het vieren van het Offerfeest.

God vroeg aan Ibrahim (Abraham) om zijn zoon Ismaël te offeren om te laten zien dat hij trouw en gelovig was. Toen Ibrahim zijn zoon met een mes wilde doodsteken, kwam er een engel die zei dat een schaap de plaats van Ismaël mocht innemen. Mohammed heeft voor iedere moslim die er het geld voor heeft op deze dag een schaap te slachten. In de islamitische landen gebeurt dit vaak in het dorp waar men geboren is. In de familiekring wordt het goed verzorgde dier door de oudste man gedood met een vlijmscherp mes om het dier niet te laten lijden. Het vlees wordt in drie stukken verdeeld: een deel voor de familie, een deel voor buren, vrienden of bezoekers en een deel voor de armen.

In België gebeurt het rituele slachten in door de gemeente aangewezen plekken, meestal in het stedelijk slachthuis. Het Offerfeest is het belangrijkste feest van de Islam. In de Islamitische landen zijn bedrijven en scholen dicht.

Eenmaal in zijn of haar leven moet de moslim die daartoe lichamelijk en financieel in staat is, een pelgrimstocht naar de heilige stad Mekka in Saoedi-Arabië maken. Deze bedevaart, die "hadj" wordt genoemd, is een meerdaagse tocht die langs de heilige plekken voert die geassocieerd worden met de profeten Ibrahim en Mohammed. Moslims die niet op bedevaart zijn, vieren in hun eigen land het Offerfeest.

zaterdag 29 oktober 2011

Ras in de kijker : Clun Forest

Clun Forest schapen zijn vlees/wolschapen. Het is een vruchtbaar ras; het aantal levend geboren lammeren ligt rond 1,7gemiddeld. 
Circa 70% van de ooien werpt op eenjarige leeftijd.
De ooien lammeren gemakkelijk, zelden is hulp nodig bij de geboorte. De ooien zijn melkrijk en hebben zeer goede moedereigenschappen.

  Een ooi van de Guilden Down Flock bij Clun

Vanwege de gemiddeld hoge leeftijd, is de levensproductie aan lammeren doorgaans hoog. Het komt regelmatig voor dat ooien ouder dan 10 jaar nog lammeren grootbrengen.

De slachtkwaliteit van de lammeren is redelijk goed en bij de lichtere karkassen komt geen overmatige vetheid voor. 
De roomwitte vacht is van goede kwaliteit, 58 micron en een hoge mate van elasticiteit en daardoor veel gebruikt als breiwol.

Voor een leek is de Clun Forest op een afstand het best te onderscheiden door de donkere kop met kuif en de rechtopstaande oren, gespitst omhoog en alert kijkend. Hun oren zijn voortdurend in beweging als van een paard. Samen met de parmantig opgerichte hals en het vlotte gangwerk maakt het de Clun Forest populair en vergelijkbaar met een Arabisch volbloed paard.


De belangrijkste uiterlijke kenmerken: 

  • een vrij lang schaap
  • een levendige en opmerkzame verschijning
  • kop hooggedragen
  • zwartbruine kop, oren en poten
  • oren rechtopstaand
  • tussen de oren wol, uitlopend in een kuif

De oorsprong van het Clun Forest rasThe Honddu Flock van Brian Davies in Wales (vlak bij Clun) - 1981

Het ras Clun Forest is ontstaan in het midden van de vorige eeuw. Het is evenals zoveel rassen in Groot-Brittanië voortgekomen uit kruisingen van andere rassen.
De Shropshire Down en de Welsh Mountain hebben waarschijnlijk het meest bijgedragen aan het ontstaan van dit ras. Vanaf 1850 tot 1890 had het ras slechts een lokale bekendheid. Het kwam voornamelijk voor in de omliggende bossen (forests) in het heuvelachtige gebied bij de oude marktstad Clun (vandaar de naam) in Zuid Shropshire, vlabij de grens met Wales.
Vanaf 1837 is regelmatig in documenten verwezen naar de vele uitstekende kwaliteiten van de Clun. De gehardheid en vruchtbaarheid van het ras waren het gevolg van natuurlijke selectie en schapenkennis gebaseerd op de geologische structuur van het Clun Forest gebied.
Na 1900 kreeg het ras steeds grotere bekendheid vanwege het grote aanpassingsvermogen aan bodem en klimaat en heeft het zich snel verspreid over Engeland, Wales en Schotland. Ook de vruchtbaarheid en de prima moedereigenschappen hebben daar aan bijgedragen.
In 1925 werd het Clun Forest stamboek opgericht en nadien heeft het ras vanwege de vele goede eigenschappen ook buiten het land van herkomst meer betekenis gekregen.



 

woensdag 26 oktober 2011

Landelijke gilden - infoavonden

De landelijke gilden organiseert drie infoavonden over het houden van schapen.
De data zijn toegevoegd aan de agenda.



Problemen en moeilijkheden bij aflammeren


Provinciaal secretariaat, Kiezelstraat 56, Hasselt :  donderdag 27 oktober 2011 20:00
Steven Verberckmoes verzorgt de vorming rond 'Problemen en moeilijkheden bij aflammeren'.



Praktische schapenhouderij van A tot Z


Voetbalkantine Binkom, Meenselstraat 118, Binkom (Lubbeek) :  vrijdag 18 november 2011 20:00
Jean Van Riet kweekt al 32 jaar stamboektexels. Hij probeert vooral te selecteren op vruchtbaarheid, ontwikkeling, snelle groei en gemakkelijk lammeren. Het is nu zes jaar geleden dat er nog een keizersnede op zijn bedrijf werd uitgevoerd! Door te kiezen voor proper weiland moet hij ook veel minder ontwormen. Tijdens de lammerperiode komen de dieren slechts enkele dagen op stal, voor de rest blijven ze buiten.
Lesgever: Jean Van Riet, schapenhouder





Praatcafé: Wat kost ons schaap, wat brengt het op?


Voetbalkantine Binkom, Meenselstraat 118, Binkom (Lubbeek) :  vrijdag 16 december 2011 20:00
Tot slot richten we ons op de kosten en opbrengsten van ons schaap. Valt er iets te verdienen of telt ook hier de leuze “een hobby mag geld kosten”. Deze avond is veeleer een praatcafé waarbij ieder zijn inbreng mag doen.
Moderator: Toon De Keukelaere

zondag 23 oktober 2011

Coccidiose

In november zijn er de jaarlijkse voorlichtingsavonden georganiseerd door het Praktijkcentrum Kleine Herkauwers, De Vlaamse overheid - Dep. Landbouw en Visserij - Afd. Duurzame Landbouwontwikkeling,
De data zijn terug te vinden in de agenda.
Dit jaar wordt de ziekte coccidiose toegelicht.


Coccidiose treedt bij schapen vooral op bij een dichte bezetting en intensieve beweiding, op een leeftijd van 6 tot 8 weken, als de bescherming van de moedermelk wegvalt. Er is sprake van een infectie met coccidiën, die als oöcysten worden opgenomen op stal of in de weide.

Eéncelligen
Coccidiën zijn ééncellige micro-organismen, die de bekledende cellen van de darmwand aantasten. De coccidiën dringen de darmcellen binnen, die daardoor beschadigd raken, waardoor inwendig bloedverlies kan optreden. Dit bloed ondergaat in het darmkanaal vertering, waardoor de mest donker tot zwart gekleurd wordt. Door het bloedverlies kunnen de dieren bleek worden en verzwakken en vermageren. Tengevolge van de diarree staan zij nodeloos te persen. Soms treedt sterfte op. Het lijkt erop dat de infectie in toenemende mate voorkomt.

Vermenigvuldigen
De coccidiën kunnen zich in de darmwand in hoog tempo vermenigvuldigen. Ongeslachtelijk door directe deling, maar ook geslachtelijk door manlijke en vrouwelijke exemplaren, waarbij grote hoeveelheden eieren of oöcysten (soms honderd duizenden per gram mest) vrij komen, die de stalbodem of de weide weer besmetten.
Kenmerkend voor deze oöcysten is dat zij zeer resistent zijn tegen uitwendige invloeden zoals koude, hitte of (chemisch) ontsmetten.

Diagnose
De diagnose kan gesteld worden door het uitvoeren van microscopisch onderzoek van de mest. Hierin zijn de oöcysten soms in zeer grote hoeveelheden zichtbaar. Onder de microscoop ogen ze als kleine roze doorschijnende bolletjes, voorzien van een stevige wand.
Het aantal oöcysten is geen maat voor de ernst van de infectie. Bij dit onderzoek worden vaak eveneens wormeieren aangetroffen, die vanzelfsprekend ook en eventueel gelijktijdig bestreden moeten worden.

Behandeling
Is er eenmaal sprake van een zware infectie dan worden de lammeren gemakkelijk jaar op jaar besmet en moeten er dus preventieve maatregelen genomen worden in de vorm van behandeling of door middel van andere huisvesting of een ander beweidingschema.
De behandeling van coccidiose bestaat uit het via de bek toedienen van Vecoxan (diclazuril) of Baycox Sheep (toltrazuril) in een dosering van 1 ml per 2,5 kg lichaamsgewicht. Beide middelen zijn enkel geregistreerd om preventief (ter voorkoming) in te zetten. Curatief (ter behandeling) inzetten is niet geregistreerd en levert ook minder goede resultaten op. Vecoxan werkt ongeveer twee weken terwijl Baycox Sheep ongeveer 5 weken werkt. Tijdens deze periode bouwen de lammeren actief weerstand op.
Aangezien coccidiose een koppelziekte is moeten alle (jonge) dieren van dezelfde leeftijd gelijktijdig behandeld worden en het liefst op een moment dat de schade ten gevolge van vermagering of sterfte nog niet begonnen is.
Bij goede behandeling, dat wil zeggen voordat de verschijnselen zichtbaar zijn, ontwikkelen de lammeren weerstand, waardoor zij later geen last meer van de ziekte hebben. Wel kunnen zij als volwassen dieren opnieuw oöcysten uitscheiden en zodoende volgende generaties besmetten. In geval van een zware besmetting kan een tweede behandeling noodzakelijk zijn.
In het verleden werden ter voorkoming van de infectie middelen zoals monensin en amprolium door speciale brokken gemengd om de lammeren langdurig te kunnen behandelen. Deze middelen zijn niet meer geregistreerd en dus niet meer toegestaan.
De wachttijd voor Vecoxan bedraagt nul dagen; voor Baycox Sheep is dit 42 dagen. Ook bij andere diersoorten, zoals konijnen, kalveren en pluimvee komt coccidiose voor, die heel andere specifieke verschijnselen veroorzaken.

Bron